To vuvuzela or not to vuvuzela?

Spelers, supporters, scheidsrechters en tv-kijkers. Iedereen heeft wel een mening over het Afrikaanse blaasinstrument de vuvuzela. Niet zelden in negatieve zin. Geïntroduceerd aan de rest van de wereld tijdens de Confederations Cup, het opwarmertje voor het WK volgend jaar in Zuid-Afrika. Hels kabaal en getoeter door 50.000 wilde Afrikanen. Dat belooft wat te worden in 2010, want inmiddels worden de vuvuzela’s in grote aantallen geïmporteerd. Ook de rest van Europa doet mee. Zo worden er bij de eerste wedstrijd van Podolski in Keulen maar liefst 10.000 vuvuzela’s uitgedeeld aan de fans. En dit is nog maar het begin. Een hype is langzaam aan het ontstaan. Alle reden dus voor De Gebroeders Ko om de studio in te duiken voor een nummer over de vuvuzela, want ook bij hun moet de schoorsteen roken. Vooral de spelers en trainers hebben er last van. Bondscoach Van Marwijk: “Uiteindelijk hoor je het niet meer, maar van mij mag de vuvuzela uit de stadions worden geweerd. Het is al moeilijk om als coach je spelers te bereiken en ik denk dat het door die toeters helemaal moeilijk wordt.” Robinho van Brazilië: “We verstaan onze bondscoach Carlos Dunga nauwelijks, ik hoor zelfs bijna niet wat de middenvelders naar me schreeuwen.”

Tot een verbod zoals in Oostenrijk komt het voorlopig niet. FIFA-voorzitter Blatter: “Het verbannen van de vuvuzela is geen optie. Sterker: ik ga er zelf ook op blazen. De vuvuzela brengt leven in de stadions.” We houden het in de gaten.